Na de Tweede Wereldoorlog verleende de Staat geen vergunningen meer aan particuliere omroepen. Menigeen nam geen vrede met deze exclusiviteit van het N.I.R./I,N.R., de latere BRT/RTB. Het fenomeen 'Vrije Radio' met uitzendingen via de FM-band ontstond ca. 1980. Radiostations die geen vergunning hadden, moesten dicht. Zij gingen in het verweer op schepen buiten de territoriale wateren. Programma's werden opgenomen in binnenlandse studio's en daarna per zeezender naar de luisteraars verspreid. De ene stand rechtstreeks in contact met het publiek, de andere werd politiek gefinancierd. Om naambekendheid te verwerven voor dancings, party's e.a. prive-feestjes werkten de deejays gratis in de beginperiode. Vrije radio's van Wallonie kregen in juli 1981 een wettelijk statuut. Vlaamse zenders moesten een jaar langer wachten. Het opstarten van de eerste Vlaamse commerciële televisiezender, VTM, in februari 1989, fnuikte de opgang van de lokale vrije radio's. Grote firma's dropten ineens al hun publiciteitscampagnes bij VTM. Daardoor gingen de inkomsten die de vrije radio's uit nationale campagnes haalden flink naar beneden, en geraakten een aantal grote Lokale radio's in de financiële problemen.