Abtsherberge

  Voormalige "Abtsherberge", met vermelding opklimmend tot 1450 als refugiehuis van de norbertijnerabdij van Park te Heverlee. Volgens historici van de Parkabdij werd de refugie gebouwd in opdracht van Gauthier of Walter van Beringen, telg uit een vooraanstaande Vilvoordse familie en abt van de abdij in de periode 1434-1462. Op het einde van de vijftiende eeuw was het goed eigendom van de familie van Heenkenshoot die haar heerlijke rechten, asielrecht en vrijstelling van heffing op bier en wijn, overdroeg op haar nieuwe bezit. In het begin van de zestiende eeuw kwam het in handen van Antoine Tseraerts (of van Heenkenshoot), raadsheer van de Raad van Brabant. Op dat ogenblik vormde het een uitgestrekt domein in de stad, gelegen aan de Meer en in het zuiden begrensd door het kerkhof van de Onze-Lieve-Vrouw-van-Goede-Hoopkerk, op de plaats van het huidige Heldenplein; ten westen sloot het aan op het Monnikhof, cijnshoeve en refugiehuis van de abdij van Ter Kameren, zie Jean-Baptist Nowélei nummer 37. Het geheel bestond uit diverse huizen, bijgebouwen en een hoeve met boomgaard. De familie Tseraerts verkocht het in 1590. Nadien volgden verschillende eigenaars elkaar op.  
   

 

 
  Het huidige pand, in kern een patriciërswoning uit de zeventiende eeuw, werd naderhand in drie gesplitst en herhaaldelijk aangepast, onder meer in de tweede helft van de negentiende eeuw. Van de oude kern getuigen nog het zandstenen gevelparement, de steile dakhelling tussen aandaken en een aantal deur- en vensterposten met negblokken, onder meer een gedicht kruiskozijn met wigvormig ontlastingssysteem in de voorlaatste travee. De thans nog aanwezige gevelplaten werden aangebracht op het einde van de negentiende eeuw: een wapenschild van Nicolas Damant, kanselier van Brabant, dat werd aangetroffen in de kelder en een in 1889 ingemetste herinneringsplaat aan het vermeende verblijf van arts en chemicus Jan Baptist Van Helmont (1579(7)-1644) op deze plaats. Het feit of de arts hier ooit al dan niet verbleef is nog steeds een discussiepunt. Het pand werd beschermd als monument, de tuin als stadsgezicht, bij MB van 03/02/2000.  
  Monumentaal breedhuis van negen traveeën en twee bouwlagen onder steil, leien zadeldak, in kern opklimmend tot de zeventiende eeuw. Lijstgevel met zandstenen parement op dito, afgeschuinde sokkel met sporen van een voormalige ontlastingsboog. Van de negentiende-eeuwse aanpassingen, getuigen de houten kroonlijst op tandlijst en klossen, de sterk uitgewerkte sierankers en de arduinen deuromlijsting van nummer 72, de gedeeltelijk beglaasde vleugeldeur heeft empiregetint ijzerwerk in het bovenlicht en een fraai uitgewerkte bel; de voormalige kruiskozijnen werden gelijktijdig aangepast tot steekbogige muuropeningen, zie diverse bouwnaden en aanvullingen van baksteen. De voorlaatste travee bevat op de bovenverdieping nog een gedicht kruiskozijn met wigvormige ontlasting. De winkelpui met erboven sporen van de vroegere benaming "Au Mimosa", werd ingebracht in de loop van de twintigste eeuw, in functie van de toenmalige bestemming. Uiterst links de in 1889 ingemetste gevelsteen met vermelding "Ici vécut et mourut J. Bptiste Van Helmont MDLXXVII - MDCXLIV" en "Ici naquit le 20 8bre 1614 Fçois Van Helmont" (andere historische bronnen geven als geboortejaar voor Jean-Baptist 1579 in plaats van 1577); uiterst rechts boven de poort, het in de kelder teruggevonden wapenschild van N. Damant. Gecementeerde zijgevels.  
  Inwendig behield het pand zijn dragende structuur van moer- en kinderbalken en kapgebint. De binneninrichting met ruime salons dateert vermoedelijk eveneens uit de negentiende eeuw. Ruime tuin achteraan, gedeeltelijk begrensd door de zandstenen tuinmuur van het Monnikhof.  
  Bron: Kennes H. met medewerking van Steyaert R. 2005: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie Vlaams-Brabant, Gemeente Vilvoorde, Deelgemeenten Vilvoorde en Peutie, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen VLB1, (onuitgegeven werkdocumenten). Auteurs: Kennes